In het vroegere Amerikaans consulaat in Tanger trof ik een portret Abulrahman Ibrahim Ibn Sori. Deze Afrikaanse edelman belandde eind achttiende eeuw als slaaf op de katoenplantages van Mississippi. Hier maakte hij naam dankzij zijn intellectuele geest, uitgebreide talenkennis en groene vingers. Zijn meester schonk Sori privileges, noemde hem ‘prins’, maar gunde hem geen vrijheid. Wel kreeg hij de mogelijkheid brieven te schrijven naar zijn familie in West-Afrika. Een van deze brieven, geschreven in het Arabisch, kwam dankzij de Nederlandse uitgever

Andrew Marschalkonder de ogen van de sultan van Marokko. Het staatshoofd vooronderstelde dat Sori een moslim was en verzocht de Amerikaanse autoriteiten om hem vrij te laten. Hij wilde zelfs voor zijn vrijlating betalen. De Amerikaanse president John Adams kwam in een persoonlijk onderhoud met Sori’s meester overeen dat de ‘prins’, na 40 jaar, op vrije voeten zou worden gesteld.

 

 

De Nederlandse uitgever Andrew Marschalk

 

 

Voor beelden uit het voormalige Amerikaans consulaat in Tanger, zie: