Stóel, vál, appélsín, trap, artisjók, abrikós, pérsik, matrás, brandspójt, achtersjtéven. Voor wie dacht dat hij geen Russisch kon spreken, heeft nu toch al aardig wat woorden onder de knie. Vooral dankzij tsaar Peter de Grote (1672-1725) zijn Nederlandse woorden in het Russisch verzeild geraakt.

Peters hervormingsdrift bracht in Rusland een sociale en culturele revolutie teweeg, waarbij talloze buitenlandse leenwoorden ingeburgerd raakten in het Russisch. Met name uit het Engels, Duits en Frans, maar ook uit het Nederlands, dat daarbij ook fungeerde als tussenstation voor deze talen en het Russisch. Peter nodigde veel Nederlandse scheepsbouwers uit naar Rusland te komen en zij introduceerden nieuwe scheepstermen.

De Russen namen nauwelijks de moeite deze woorden te russificeren, want het leven aan boord was al niet gemakkelijk. Om geen avária op te lopen, had de matrós zijn handen vol aan het lichten van het ánker, het bijhouden van de juiste kóers en het schoonmaken van het kámbóez. En dan moest hij nog zorgen dat zijn brjóekie niet afzakte bij het zien van een naderende sjtorm.

Gruwelen van etiquette

Op jonge leeftijd trok de tsaar incognito, maar met een groot gezelschap, door de Noord-Europese landen. Hij wilde een coalitie smeden tegen de Ottomanen. Daarnaast hoopte hij van de Europeanen te leren hoe hij zijn land moest moderniseren. Op bezoek bij de Europese vorstenhuizen gruwelde Peter van formele plechtigheden en bij chique gelegenheden ging het herhaaldelijk mis. Terwijl hij zich aan de etiquette probeerde te houden door niet al te dronken te worden, compenseerden zijn metgezellen zijn gematigde houding ruimschoots.

Daarbij moet worden aangetekend dat hun losbollige gedrag nog niet eens in de buurt kwam van de totale bandeloosheid die Peters hofhouding in Moskou kenmerkte. Nadat Peter eerst Zweden en Duitsland aangedaan had -deze landen beschouwden Rusland als bedreiging en zagen hem graag weer vertrekken- kwam hij op 18 augustus 1697 in Nederland aan.

Het Tsaar Peterhuisje in Zaandam.
Het Tsaar Peterhuisje in Zaandam.

Op de scheepswerf in Zaandam vond hij onderdak bij een boer die hij op het hart drukte zijn aanwezigheid geheim te houden. Peter had echter geen rekening gehouden met de vrouw des huizes die overal rondbazuinde dat zij de Russische tsaar op bezoek hadden. Al gauw werd Peter overal gevolgd door een nieuwsgierige menigte die zich aan hem vergaapte.

Peter kon zich niet vinden in de kleinsteedse mentaliteit van de Zaankanters en na een week vertrok hij naar het bruisende Amsterdam. Hier werd hij warm onthaald door de Amsterdamse burgemeester en Ruslandkenner Nicolaas Witsen (1641-1717), die voor Peter een geschikte woon- en werkplaats regelde.

Tsaar Peter incognito op een Hollandse scheepswerf door een onbekende schilder (foto: Wikimedia)
Tsaar Peter incognito op een Hollandse scheepswerf door een onbekende schilder (foto: Wikimedia)

Middagwodka en literatuur

Tegen vast uurtarief werkte Peter in Amsterdam als hoofdscheepstimmerman. Om vijf uur ’s ochtends stond hij op, nam zijn ontbijt en was tegen zes uur aan de slag op de wjérf. Hij werkte steevast de hele ochtend om zich, na de schaft en de middagwodka, te wijden aan staatszaken. In Moskou vond Peter het al geen probleem om hooggeëerde gasten te shockeren door hen te ontvangen op de meest simpele locaties, ontdaan van elke grandeur. In Amsterdam zette hij die gewoonte voort en ontving hij zakelijke audiënties op de werkvloer. Tegen het eind van de avond ging hij naar huis en na het diner verdiepte hij zich in de Nederlandse literatuur.

De tsaar, die wel van harde grappen hield, bewoog zich makkelijk tussen de eenvoudige werklieden en bezocht zelfs hun feestjes. Peter toonde zich leergierig en liet zien dat hij kundig overweg kon met de bijl; iets wat hem later van pas zou komen bij executies. Peter en zijn gevolg bleven vier maanden in Amsterdam. Hun onkosten werden gedekt door het stadsbestuur. Hij compenseerde het stadsbestuur enigszins door een partij wapens af te nemen. Daarnaast voer het vlaggenschip Peter en Paul mede dankzij zijn inzet op het IJ.

Tsaar Peter de Grote is op weg naar het schip ‘Peter en Paul’ (tussen 1698 en 1708). (foto: Wikimedia)
Tsaar Peter de Grote is op weg naar het schip ‘Peter en Paul’ (tussen 1698 en 1708). (foto: Wikimedia)

Intussen richtte de tsaar zijn aandacht niet alleen op de scheepvaart. In Nederland bezocht hij kledingateliers, spinnerijen, drukkerijen, botanische tuinen, hospitalen en laboratoria. Hij raakte zeer gecharmeerd van Holland. Niet voor niets diende de Nederlandse driekleur als voorbeeld voor de Russische vlag. Hij kende de taal, had veel Nederlanders in dienst en het gerucht ging zelfs dat hij van Nederlands zijn officiële hoftaal wilde maken.

Nederlands in Engeland

Tot zijn spijt moest Peter concluderen dat de Engelse scheepsbouwkunde toch op een veel hoger plan stond. Zo gebruikten de Engelsen een mathematische methode om de scheepsafmetingen te berekenen, terwijl de Hollanders nog steeds duimafstanden hanteerden. Hier herinnert het Russische woord voor duim (djóejiem) nog aan.

Aangekomen in Londen (7 januari 1698) verzekerde Peter zich van de diensten van vice-admiraal Peregrine Osborne (1659-1729), met wie hij Nederlands kon spreken. Osborne regelde dat Peter via een geheim ljióek een vergadering kon waarnemen in het parlement, al waren de voorzichtige democratische beginselen in Engeland niet aan de tsaar besteed. Dat bleek wel toen hij in de zomer van 1698 terug moest naar Moskou om een opstand te onderdrukken waarbij hij, in een openbare massa-executie van de opstandelingen, zijn bijlkunsten botvierde op de terechtgestelden.

Geen eenrichtingsverkeer

Standbeeld van Peter de Grote in Zaandam. (foto: Wikimedia)Naar aanleiding van Peters bezoek aan Holland verscheen in 1695 De Nederlandsche scheepsbouw konst. Een technische handleiding in de theorie van de scheepsbouw, dat in 1709 in het Russisch vertaald werd. In 1720 kwam nog een werk uit over maritieme technologie, zowel in Nederlandse als in Russische editie.

Deze boeken brachten meer dan duizend Nederlandse woorden in de Russische taal. Het betrof hier wel zeer specifieke terminologie die zich niet leende voor alledaags gebruik. Met de komst van de moderne navigatietechnieken werden woorden als grootstengestagzeil en kluiverneerhaler vervangen door veelal Engelse termen.

In de loop van de tijd zouden de meeste Nederlandse woorden die een specifieke betekenis hadden binnen de scheepvaart geheel verdwijnen uit het Russisch.

Sommige woorden echter leven nog steeds voort: fortòtsjka (ventilatieraampje), afgeleid van het Nederlandse ‘voor de tocht’. ‘Avrál’ (‘alle hens aan dek’) wordt geroepen in een noodsituatie waarin iedereen van overal moet toesnellen om te helpen. Rióem (scheepsruim) bestaat niet meer. Omdat de Russen, die geen lidwoorden gebruiken, ’t ruim abusievelijk aanzagen voor één woord en er trióem van maakten.

Overigens was de linguïstische uitwisseling geen eenrichtingsverkeer. Peters beschonken metgezellen hebben blijkbaar zo’n indruk gemaakt op de Nederlanders dat het Russische woord píer (feest, feestmaal) is blijven hangen en uiteindelijk is verbasterd tot ‘pierewaaien’.

Lees het artikel in ThemaTijdschrift, jaargang 2013 Nederland Rusland 1